KSS     

KSS, wat is dat?
Vanaf 2006 moeten alle sportbonden in Nederland hun opleidingen moderniseren in overeenstemming met de Kwalificatie Structuur Sport (KSS). Voor alle sportbonden betekent dit een opleidingsstructuur met niveaus.
 
Aan de hand van beroepsprofielen op 5 niveaus is gekeken wat een cursist aan het eind van zijn opleiding moet kennen, kunnen en ‘aanvoelen’ op het niveau. Binnen de kwalificatiestructuur bestaan vijf niveaus:

 Niveau 1  Assistent
 Niveau 2  Assistent Leider
 Niveau 3  Leider
 Niveau 4  Trainer
 Niveau 5  Coach

De cursist
Voor de cursist betekent dit op de praktijk gericht leren, onder leiding of met begeleiding van een praktijkbegeleider. Theorie heeft veel meer dan voorheen een ondersteunende rol bij het eigen maken van de vaardigheden. Consequentie is wel dat de cursist veel zelfdiscipline moet hebben om door de opleidingen te komen.
De KNGU heeft in haar opleidingen op niveaus volgens de KSS een eigen standpunt ingenomen wat betreft competentiegericht opleiden. De niveaus 1 en 2 zijn voorgeschreven opleidingen met bij niveau 2 verplichte bijeenkomsten. Bij niveau 3 wordt een deel van de opleiding voorgeschreven en daarna wordt overgegaan op het competentiegericht leren van de cursist. Niveau 4 is geheel competentie gericht. De cursist bepaalt zelf wat hij/zij denkt dat goed is voor hem of haar.

De opleidingen
De opleidingen worden zo vormgegeven dat er een duidelijke leerroute zichtbaar is.
Deze leerroute is de aanloop naar de Proeven van Bekwaamheid. Aan de hand van opdrachten, theorie en instructiemomenten wordt de cursist voorbereid op diverse Proeven van Bekwaamheid oftewel examens. De Proeve van Bekwaamheid is het eindplaatje, waaraan kan worden getoetst of de cursist voldoende (start)bekwaam is om aan het eind van de opleiding in de praktijk aan de slag te gaan. Per niveau zijn er diverse Proeven van Bekwaamheid vastgesteld.

Voor uitgebreidere informatie zie www.kngucampus.nl

terug naar opleidingen